Afschaffing van de zelfstandigenaftrek.

Harderwijk, 2 juni 2015, In het regeerakkoord van het tweede kabinet Rutte was afgesproken dat de zelfstandigenaftrek zou worden afgeschaft. Dat leidde tot zoveel maatschappelijke verontwaardiging en protest dat het plan de ijskast in ging. Recentelijk werd het weer van stal gehaald en daarbij werd ook het idee gelanceerd om ZZPers te verplichten een pensioen op te bouwen. Deze onzalige plannen bij elkaar gaan de kleine ondernemers in Nederland 10.000 euro extra per jaar kosten en zullen naar alle verwachting leiden tot vele extra failissementen van ondernemers die het dan niet meer kunnen bolwerken. Wrang van een regering, die bij mondde van het VVD smaldeel toch staat voor de stimulering van het ondernemerschap in dit land. In de praktijk komt daar bitter weinig van terecht. Je zou dit cynisch als een stimuleringsmaatregel kunnen beschouwen van een overheid die vindt dat je je eigen broek moet ophouden en die uitsluitend oog heeft voor het grootbedrijf, daarbij vergetend dat het MKB de motor is van onze economie. De overheid heeft immers al jaren geen geld meer en leeft structureel boven haar stand en in plaats van echt te bezuinigen en structureel minder uit te geven dan er binnenkomt gaat zij door met potverteren en de VVD doet daar hard aan mee. Zij besteelt met de wet in de hand haar eigen burgers inclusief de ondernemers, omdat zij al eeuwen niet in staat is haar eigen onmatigheid te beteugelen. Alleen toen de VOC het in de Nederlanden voor het zeggen had, hadden we een sluitende begroting, veelzeggend. De verwachting is dat een groot aantal ondernemers zal kiezen om van de eenmanszaak naar de besloten vennootschap te verhuizen, zeker nu bij oprichting geen 18.000 euro meer behoeft te worden ingebracht.

De gang naar de BV kan u de helft aan belasting schelen over uw winst en het leidt tot meer liquiditeit, zodat u makkelijker kunt ondernemen. Toch zijn er ook nadelen. Laat u goed voorlichten door uw advocaat en/of fiscalist, of accountant, over hoe het zit met het fictieve loonbegrip voor de directeur grootaandeelhouder (DGA) dat de fiscus hanteert en of je pas voordeel kunt halen als je meer winst maakt dan plusminus 180.000 euro per jaar bijvoorbeeld en of je van de publicatieplicht af kunt en hoe het zit met de verzwaarde bestuurdersaansprakelijkheid. Om zo maar en paar aspecten te noemen. Ik ga mij deze week oriënteren bij VRB Accountants te Utrecht. Ik zal u laten weten wat daar uit komt. Stof tot nadenken. Laat je niet als willoos slachtoffer door deze overheid naar de slachtbank leiden, kom in actie! De verwachting van accountants en fiscalisten is dat het pas in 2018 zover komt.

Als u vragen hebt bel mij of schrijf mij. Robert Oosthout is werkzaam als advocaat en mediator bij Oosthout Advocatuur. Meer weten: www.oosthoutadvocatuur.nl, of bel: 071-5249316, of schrijf op: oosthout@oosthoutadvocatuur.nl

© juni 2015, mr A.R. Oosthout.

Disclaimer:
Dit artikel werd geschreven door mr. Robert Oosthout. Aan de inhoud werd de grootste mogelijke zorg besteed en u kunt er geen rechten aan ontlenen.

 

 

 

 

Posted in Belastingrecht, Faillissementsrecht, Ondernemingsrecht, Oosthout Advocatuur | Leave a comment

Advocatenwet per 1 januari 2015 gewijzigd.

Advocatenwet per 1 januari 2015 gewijzigd.
Harderwijk, 24 maart 2015. Per 1 januari 2015 is de Advocatenwet ingrijpend gewijzigd.

Geschiedenis
Sinds 2004 is er in toenemende mate een maatschappelijke discussie op gang gekomen over de rol en de positie van de advocaat in onze rechtsstaat. Deze is uiteindelijk uitgemond in een wetgevingsoperatie, die wijzigingen heeft gebracht in de Advocatenwet, de Wet Rechtsbijstand, de Verordening op de Advocatuur, etc. De naam van de wet is gewijzigd in de Wet Toezicht en Positie Advocatuur.

De meest in het oog springende wijzigingen zijn o.a. dat het toezicht op de advocatuur is verscherpt per 1 januari 2015. Dat uit zich in een aantal zaken.

Zo zijn advocaten en advocatenkantoren verplicht sinds 1 januari 2015 een schriftelijke klachtenregeling te hebben, welke ter inzage moet zijn voor cliënten, bijvoorbeeld op de website van kantoor en waarnaar in de dienstverleningsovereenkomst en de bevestigingsbrief verwezen wordt. De klachtenregeling kan in de algemene voorwaarden worden opgenomen. In ieder geval moet de cliënt er bij het aangaan van de overeenkomst van dienstverlening op gewezen worden en een exemplaar ter hand gesteld worden. De klachtenregeling kent ook een klachtenfunctionaris. Als de kantoorklachtenregeling niet tot een oplossing van de klacht leidt wordt de klacht doorgeleid naar de Commissie Geschillenregeling Advocatuur.

Advocaten dienen per 1 januari 2015 binnen een half jaar na het einde van de het boekjaar hun jaarstukken gereed te hebben. Zij worden in die zin strenger bejegend dan andere ondernemers. Echter het gaat hier om registratie achteraf en als ondernemer is het van belang om steeds te weten waar je staat, dus hoe eerder hoe beter. Voor de goede orde, een goede ondernemer weet op 31 december van het boekjaar al waar hij staat als hij of zij een liquiditeitsbegroting annex cash flow statement hanteert.

In het toezicht verandert er het nodige. Zo wordt de deken een toezichthouder in de zin van de Algemen Wet Bestuursrecht (art: 5.11 AWB) De deken houdt vooral toezicht op de naleving van de Advocatenwet, de verordeningen en de gedragsregels en op de naleving van de Wet ter voorkoming van het Witwassen van Financiële Transacties (Wwft). De deken kan zowel bestuursrechtelijk als tuchtrechtelijk handhaven.

Daarnaast komt er een College van Toezicht, waarin geen advocaten zitting hebben.

Nieuw is de openbaarmaking van tuchtrechtelijke maatregelen.

Advocaten die langer dan drie jaar niet duurzaam en steltselmatig hun beroep uitoefenen worden ambtshalve van het tableau geschrapt.

In het tuchtrecht wordt het griffierecht geïntroduceerd.

Nieuw is dat de geheimhoudingsplicht van advocaten kan worden doorbroken in het kader van kwaliteitstoetsen, toezicht door de deken, vooronderzoek in het kader van het tuchtrecht, of onderzoek naar de toestand van de praktijk.

Advocatenkantoren behoeven niet altijd meer over een derdengeldrekening te beschikken.

Bron: Rijksoverheid.nl en www.advocatenorde.nl

© maart 2015, mr. A.R. Oosthout.

Dit artikel is geschreven door mr. A.Robert Oosthout, advocaat en mediator bij Oosthout Advocatuur te Leiden. Dit artikel heeft niet de intentie volledige of uitputtende informatie te geven. Het is slechts bedoeld om u op de hoogte te brengen van de wijziging van de Advocatenwet per 1 januari 2015 en daarna. Aan de samenstelling van dit artikel is de grootst mogelijke zorgvuldigheid besteed. Er kunnen echter geen rechten aan worden ontleend.

Als u concrete vragen hebt neem dan contact op met mr. Robert Oosthout per e-mail: oosthout@oosthoutadvocatuur.nl, of via de website www.oosthoutadvocatuur.nl, of bel 071-5249316.

Posted in Belastingrecht, Contractenrecht, Ondernemingsrecht, Oosthout Advocatuur | Leave a comment

Wet Werk en Zekerheid

contract
Wet Werk en Zekerheid eindelijk ingevoerd.

Harderwijk, 24 maart 2015,  Na jarenlang getouwtrek is het dan eindelijk zover, de Wet Werk en Zekerheid (WWZ) wordt trapsgewijs ingevoerd. Nadat deze eerst in 2014 zou worden ingevoerd, werd invoering door Minister Asscher uitgesteld, omdat hij bezorgd was over het feit, of werkgevers wel voldoende waren voorbereid. Nu zijn per 1 januari 2015 een aantal wijzigingen ingevoerd en per 1 juli 2015 volgt de rest.

Wat wordt er in de wet geregeld?

In deze wet worden op een drietal terreinen zaken geregeld en wel op de volgende gebieden:
1. Flexibele arbeid
2. Wijzigingen in het ontslagrecht in 2015
3. Wijzigingen in de werkeloosheidswetgeving in 2015 en 2016

Flexibele arbeid
De positie van flexwerkers wordt verbeterd ten opzichte van werknemers met een vast contract. Zo wordt bij tijdelijke contracten voor langer dan 6 maanden een aanzegtermijn ingevoerd. Consequentie is dat 1 maand voorafgaande aan het einde van de dienstbetrekking de werkgever schriftelijk moet aangeven of hij de arbeidsovereenkomst al dan niet verlengt. Laat hij dat achterwege, dan is de sanctie dat hij een maandloon extra moet betalen. Houdt de werkgever zich wel aan de aanzegplicht doch zegt hij te laat aan dan wordt een evenredige vergoeding verschuldigd. Als hij bijvoorbeeld een week te laat is, moet hij een week extra betalen. De vergoeding is niet verschuldigd in geval van faillissement, WSNP, of surseance van betaling.

Sinds 1 januari 2015 geldt:

Bij tijdelijke contracten van korter dan 6 maanden mag geen proeftijd meer overeengekomen worden.

Bij overeenkomsten van 6 maanden tot 2 jaar maximaal 1 maand en bij langere overeenkomsten dan twee jaar geldt een proeftijd van maximaal 2 maanden.

Wordt een tijdelijk contract verlengd dan mag in het nieuw contract niet opnieuw een proeftijd worden overeengekomen.

Sinds 1 januari 2015 is het in het algemeen niet meer mogelijk om in een nieuw tijdelijk contract een concurrentiebeding op te nemen.

De rechten van oproepkrachten en uitzendkrachten worden versterkt.

Per 1 juli 2015 is het zo dat na 3 tijdelijke contracten of 2 jaar er sprake is van een vast contract.

Ontslagrecht
Het ontslagrecht wordt vereenvoudigd. In principe komt er nog maar een route, d.w.z. per 1 juli 2015 gaan bedrijfseconomische ontslagen, of ontslagen wegens langdurige arbeidsongeschiktheid via het UWV. Ontslag om andere redenen gaat via de kantonrechter.

Werknemers hebben onder bepaalde voorwaarden recht op een transitievergoeding.

1. Zij moeten twee jaar of langer in dienst zijn.
2. De arbeidsovereenkomst wordt op initiatief van de werkgever beëindigd.

De hoofdregel is een half maandsalaris per dienstjaar en een half maandsalaris per dienstjaar dat men langer dan 10 jaar in dienst is geweest. Er geldt een maximum van € 75.000,–.

Wijzigingen in de WW per 1 juli 2015:
1. Na een half jaar wordt alle arbeid als passend gezien.
2. Invoering van inkomensverrekening.

Wijzigingen in de WW per 1 juli 2016:
1. Vanaf deze datum wordt de maximale duur van de WW stapsgewijs teruggebracht tot zij in 2019 nog 24 maanden bedraagt.
2. Werknemers worden zo snel mogelijk van werk naar werk begeleid, zodat zij zo kort mogelijk werkeloos zijn.

Bron: Rijksoverheid.nl

© maart 2015, mr. A.R. Oosthout.

Dit artikel is geschreven door mr. A.Robert Oosthout, advocaat en mediator bij Oosthout Advocatuur te Leiden. Dit artikel heeft niet de intentie volledige of uitputtende informatie te geven. Het is slechts bedoeld om u op de hoogte te brengen van de wijziging van het arbeids- en ontslagrecht en de Werkeloosheidswet per 1 januari 2015 en 1 juli 2015 en daarna. Aan de samenstelling van dit artikel is de grootst mogelijke zorgvuldigheid besteed. Er kunnen echter geen rechten aan worden ontleend.

Als u concrete vragen hebt neem dan contact op met mr. Robert Oosthout per e-mail: oosthout@oosthoutadvocatuur.nl, of via de website www.oosthoutadvocatuur.nl, of bel 071-5249316.

Posted in Arbeidsrecht, Ondernemingsrecht | Leave a comment

Wijzigingen in het arbeidsrecht per 1 juli 2014 uitgesteld.

contract

Harderwijk, 18 juni 2014. Minister Asscher heeft besloten dat de aangekondigde wetswijzigingen in de Wet  Werk en Zekerheid niet op 1 juli 2014 in werking treden maar op 1 januari 2015. De reden is dat hij vreest dat de werkgevers te weinig tijd hebben om zich op de wijzigingen voor te bereiden. Wat zijn de belangrijkste wetswijzigingen.

In willekeurige volgorde noem ik er een aantal.
1. Voor arbeidsovereenkomst van 6 maanden of korter geldt geen proeftijd meer.
2. De aanzegtermijn. Deze is nieuw in de wet. Zij houdt in dat voor contracten voor bepaalde tijd van een half jaar of langer de werkgever uiterlijk 1 maand voor het einde van het contract de werknemer moet aanzeggen per brief of het contract wel of niet wordt verlengd. Sanctie op het achterwege laten van deze aanzegging is een maand loon.
3. Bij oproepcontracten wordt een loondoorbetalingsverplichting ingevoerd. Zij kan alleen voor de eerste zes maanden in de arbeidsovereenkomst worden uitgesloten. Voor een langer periode kan dat alleen bij CAO.
4. Opname van concurrentiebedingen in arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd wordt beperkt en kan alleen nog maar bij in de arbeidsovereenkomst opgenomen gemotiveerde zwaarwichtige bedrijfs- of dienstbelangen. Als deze niet zijn opgenomen is het concurrentiebeding nietig.
5. Oud of nieuw recht van toepassing? Op contracten voor bepaalde tijd, die voor 1 juli 2014 zijn gesloten en in werking zijn getreden is oud recht van toepassing totdat zij zijn geëindigd van rechtswege.
6. Nieuw met betrekking tot de ketenbepaling is dat de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd slechts 2 maal binnen 3 jaar mag worden verlengd en daarna is er sprake van een contract voor onbepaalde tijd.

Disclaimer:
Deze opsomming is niet bedoeld uitputtend en volledig te zijn. Zij is slechts bedoeld om u er als werkgever van bewust te maken, dat er weer allerlei wijzigingen in het arbeidsrecht op handen zijn. U kunt dan ook geen rechten ontlenen aan dit artikel. Als u vragen hebt bel dan: Oosthout Advocatuur, mr. A.R. Oosthout: 071-5249316 of 06-26902545.

Posted in Arbeidsrecht | Leave a comment

Oosthout Advocatuur zet netwerk advocatenkantoren op.

Oosthout Advocatuur zet netwerk advocatenkantoren op. Harderwijk 13 juni 2014.  Oosthout Advocatuur heeft op 12 juni 2014 de eerste aanzet gemaakt met het opzetten van een samenwerkingsnetwerk van onafhankelijke advocatenkantoren NSAK. Doelstellingen zijn o.a. :
1. kennis delen,
2. doorverwijzen van zaken, of cliënten op basis van specialismen,
3. gezamenlijke inkoop zodat schaalvoordelen kunnen worden behaald,
4. vakantiewaarneming,
5. of waarneming bij ziekte,
6. waarneming van zittingen in andere arrondissementen en nog veel meer.  Alles is bespreekbaar.

Het kan zijn dat het samenwerkingsverband zich ontwikkelt tot een merk en/of een franchise. Een rechtsvorm als de coöperatie zou bovendien de mogelijkheid kunnen bieden om naar rato van ieders inbreng te kunnen werken. Het samenwerkingsverband staat open voor alle advocatenkantoren in Nederland, die menen dat zij een bijdrage kunnen leveren.

Van dit netwerk maken de volgende advocatenkantoren nu al deel uit:

1. Oosthout Advocatuur te Leiden, www.oosthoutadvocatuur.nl
2. Tamas Advocatuur te Den Haag.
3. Sidius Advocaten te Den Haag, www.sidiusadvocaten.nl
4. mr. G. Kaya, advocaat te Breda, gespecialiseerd in fiscaal strafrecht.
5. Bonefaas Advocatuur te Leiden, gespecialiseerd in ondernemingsrecht, contractenrecht, arbeidsrecht en kinologisch recht. Richt zich met name op ondernemingen in de ICT sector en treedt daarnaast op als octrooigemachtigde. www.bonefaasadvocatuur.nl

 

 

U kunt zich aanmelden via: oosthout@oosthoutadvocatuur.nl of telefonisch op 071-5249316.

Posted in Oosthout Advocatuur | Leave a comment

Nieuw jaarabonnement voor snel juridisch advies voor MKB ondernemers.

Harderwijk, 29 april 2014. Sinds deze week heeft Oosthout Advocatuur een begin gemaakt met het in de markt zetten van een nieuw jaarabonnement voor snel juridisch advies voor MKB ondernemers. De kosten voor de ondernemer zijn € 350,– ex 21% BTW, totaal derhalve € 423,50 per jaar.

Wat mag de ondernemer hiervoor verwachten? De meeste MKB ondernemers hebben een of meerdere keren per jaar een juridische vraag, waarop zij snel antwoord willen. Zij kunnen dan bellen of mailen en krijgen dan bij voorkeur binnen 24 uur, uiterlijk binnen 48 uur antwoord. Als het iets ingewikkelder is, wordt tevoren gecommuniceerd wat er uitgezocht moet worden en hoe lang dat naar verwachting gaat duren.

Met trots vermelden wij dat de eerste onderneming die gebruik maakt van dit abonnement zich al heeft aangemeld. Insect Europe B.V, h.o.d.n. DeliBugs laat bij mondde van haar directeur Ger van der Wal weten, dat Insect Europe behoefte heeft aan een dergelijk abonnement en het ook aan andere ondernemers van harte kan aanbevelen.

Ook een „huis-jurist” voor nog geen 30 euro (ex btw) per maand? We komen graag in contact met u!
071-5249316 of 06-26902545.

 

 

.

Posted in Oosthout Advocatuur | Leave a comment

Mkb voor € 4 mrd in de min op rentederivaten

Harderwijk, 4 april 2014. Het FD kopte vanochtend op de voorpagina: “Mkb voor € 4 mrd in de min op rentederivaten“.  In het artikel wordt aandacht besteed aan het feit, dat het mkb in Nederland voor 4 miljard euro in de min staat bij banken vanwege zogenaamde rentederivaten. Ook het NOS journaal berichtte er vanavond over. Het betreft renteswaps die ondernemers kochten om zich in te dekken tegen rentestijgingen op hun kredieten. Wat ze zich niet realiseerden was, dat als de rente daalde hen dat op grote verliezen kon komen te staan. Velen bezaten die kennis niet en de banken namen het in veel gevallen niet zo nauw met hun zorgplicht en vertelden hen dat ook niet. Banken hebben op ongeveer een derde van hun  kredietverlening aan het MKB renteswaps verkocht, of wel voor 51,7 miljard euro. Vooral Rabobank, ABN Amro en Deutsche Bank waren actief in deze markt. Afgelopen week deed de Rechtbank Den Bosch uitspraak in een zaak waarin een agrariër de Rabobank aansprak in een vergelijkbare situatie. De melkveehouder hoefde aan de Rabobank niet het volledige verlies te betalen, dat hij had geleden op zijn swap. De bank had de klant veel beter moeten voorlichten over de negatieve waardeontwikkeling op zijn swap. Daarmee stelt de rechter vast dat de bank een bijzondere zorgplicht heeft. de bank moet niet alleen de klant op de risico’s hebben gewezen. Zij moet zich ervan vergewissen, dat de klant die waarschuwing heeft begrepen. Deze uitspraak is in die zin een trendbreuk, dat een dergelijke zorgplicht ten aanzien van particulieren eerder werd aangenomen, doch ten opzichte van ondernemers nog niet. Daar is nu verandering in gekomen. Het betreft hier weliswaar een individueel geval, doch zowel bedrijfsadviseurs als advocaten verwachten dat er meer claims tegen banken zullen komen. Heeft u ook renteswaps gekocht bij Rabobank, ABN Amro of Deutsche Bank dan kan het de moeite lonen een rechtzaak tegen de bank aan te spannen. Ik sta u daarbij graag ter zijde.

Voor de goede orde moet vermeld worden, dat het slechts zin heeft te bestuderen of een dergelijke claim zinvol is als het contract waarbij de renteswap werd afgesloten en dat gekoppeld was aan een krediet de volledige looptijd heeft gehad. immers gedurende die looptijd kan de rente weer in positieve zin veranderen waardoor de eventuele schade achteraf lager uit valt. Het leek mij goed u hier nog op te wijzen, hetgeen in het FD of het NOS journaal niet aan de orde kwam.

(c) 2014 mr. A.R. Oosthout.

Robert Oosthout is advocaat en mediator met kantoor in Leiden en werkte voorheen als accountmanager bij H. Albert de Bary &Co. Bankiers N.V..

Disclaimer:
Aan het tot stand komen van de inhoud van dit artikel is de grootst mogelijk zorg besteed. Er kunnen echter geen rechten aan worden ontleend. Als u vragen hebt, bel mr. Robert Oosthout op 071-5249316.

 

Posted in Bank -en effectenrecht, Contractenrecht | Leave a comment

Rabobank aansprakelijk voor schade wegens manipulatie libor rente

Harderwijk, 24 maart 2014. Vorig jaar werd Rabobank door de Nederlandse Bank (DNB) beboet voor het manipuleren van de libor rente (1). Rabobank heeft net als andere grote banken met deze handelwijze gefraudeerd met de intentie er zelf beter van te worden. Het werd echter ontdekt en hiermee liep het vertrouwen in de bankensector, die de laatste jaren hoe dan ook al kritisch wordt gevolgd, opnieuw een flinke deuk op.

Niet uitgesloten kan worden dat ook grote klanten, die grote hoeveelheden kasgeld op dagelijkse basis stalden bij de bank hiervan nadeel hebben ondervonden. Het nadeel zit hem dan in het feit, dat over de miljoenen euro’s die door klanten aan de bank ter beschikking gesteld zijn willens en wetens te weinig rente is vergoed. Dat geld vloeide daarmee in de eigen zak van Rabobank. Het gaat vaak om substantiële bedragen .

Natuurlijk moet je als je een bank aansprakelijk stelt voor door het toedoen van de bank geleden schade die schade wel bewijzen en als het om grote bedragen gaat kan het toch de moeite lonen om middels een voorlopige getuigenverhoor te onderzoeken of er voldoende bewijs voor de geleden schade is.

Complicerende factor is dat ons bewijsrecht als uitgangspunt kent, wie stelt bewijst. Echter er zijn situaties denkbaar dat er sprake is van omkering van de bewijslast. In het geval van een frauderende bank kan ik me voorstellen dat een rechter ertoe bereid is de bewijslast om te keren en bij de bank te leggen, omdat de bank immers een strafrechtelijk vergrijp heeft gepleegd met de vaststaande fraude.  Ik kan mij voorstellen, dat een rechter een bank in dat geval niet wil belonen voor haar strafrechtelijk laakbare gedrag.

Mocht u spelen met de gedachte om de Rabobank of een van de andere grote banken , die bij dit schandaal betrokken zijn geweest en waardoor u of uw bedrijf schade hebben geleden, aansprakelijk te stellen, dan ben ik bereid met u te onderzoeken of dat haalbaar is. Ik begrijp dat er inmiddels een vastgoedbedrijf is dat een  schadeclaim bij Rabobank heeft ingediend. Indien u dat wenst kan ik voor u onderzoeken of het mogelijk en verstandig is daarbij nog aan te haken.

(c) 2014,  mr A.R. Oosthout.

Disclaimer:  Aan de inhoud van deze blog is de grootst mogelijke zorgvuldigheid besteed. Er kunnen echter geen rechten aan worden ontleend. Indien u specifieke vragen heeft bel dan  mr. A.Robert Oosthout op: 071-5249316, of mail naar: oosthout@oosthoutadvocatuur.nl.

Robert Oosthout is advocaat en mediator  bij Oosthout Advocatuur in Leiden en Harderwijk. Voordat hij advocaat werd werkte hij als accountmanager bij H. Albert de Bary & Co Bankiers N.V. te Rotterdam.

(1) Libor betekent London Inter Bank Offering Rate.

Rabobank liable for damages due to manipulation of libor
Harderwijk, March 24th, 2014. Last year Rabobank was punished by the Dutch central bank (DNB) for manipulating the libor interestrates (1). Rabobank, just as other big banks, acted fraudulent with the intention to make a profit, although under normal circumstances they would not have. But their manipulations were discovered and as a result trust as far as the banking sector was concerned got another big blow and went down again.

it cannot be disregarded that possibly big clients that did place big amounts of cash with their banks on a daily basis were robbed by their own banks. The disadvantage is in the fact that the banks knowingly and willingly paid less interest over the money that was placed with them then they should have done. Most of the time millions of euro’s were involved. This money instead of being paid to the clients was kept by Rabobank. Quiet substancial amounts were involved.

Of course when you hold a bank liable for breach of contract or tort and claim damages, you have to prove that the damages were the result of the actions of the bank  And in case of substantial amounts  it can be wise to try to investigate in a preliminary court hearing to see if you can come up with sufficient proof.

Complicating factor under Dutch law is that we have the rule that he who states has to prove. Nevertheless there are situations where the other party can be given a court order to come up with the proof. In case of a fraudulent bank, as was the case here, I can imagine that a Judge is prepared to give a court order to the bank to come up with the proof that they did not act fraudulent, because it was already proven that under penal law the actions of the bank were fraudulent.  I think a Judge does not want to support the bank in such a case for her fraudulent conduct.

If you play with the idea to sue Rabobank, or one of the other big banks in The Netherlands that were involved, in which case you or your company had damages as a result of the actions of one or more of these banks, I am willing and able to investigate for you whether it is feasible if such a claim will hold successfully in court. In the mean time a big real estate company has made a claim against Rabobank. If you want to I can investigate whether it is possible and sensibIe to do the same.

(c) 2014,  mr. A.R. Oosthout. LL.M.

Disclaimer:  The content of this blog was thoroughly investigated and written.  No legal rights can be derived from this blog. If you have specific questions call  Oosthout Advocatuur, mr. A.Robert Oosthout LL.M. at: +31-71-5249316, or mail to: oosthout@oosthoutadvocatuur.nl.

Robert Oosthout is a Dutch solicitor/attorney at law and mediator at Oosthout Advocatuur in Leiden and Harderwijk. Before that he worked as an accountmanager with H. Albert de Bary & Co Bankiers N.V. in Rotterdam.

(1) Libor means London Inter Bank Offering Rate.

Posted in Bank -en effectenrecht, Contractenrecht, Onroerend zaaksrecht | Leave a comment

Nederlandse bedrijven staan bij de fiscus voor miljard in het krijt

Harderwijk, 13 maart 2014. Het FD kopt vandaag op de voorpagina: “Nederlandse bedrijven staan bij de fiscus voor miljard in het krijt“. Vervolgens wordt gemeld dat curatoren vinden dat er sprake is van concurrentievervalsing ten opzicht van bedrijven die wel hun belasting betalen. De inhoud van dit artikel stemt tot nadenken.

Aannemend dat Eijkelenboom en Verbeek de curatoren juist weergeven is het eerste dat bij me opkomt het volgende, Wat als de fiscus nu geen uitstel zou verlenen? Dan gingen er nog meer bedrijven failliet en hadden de curatoren meer werk. Dat plaatst hun kanttekening toch op zijn  zachtst gezegd in een merkwaardig daglicht. De fiscus is er niet om aan marktregulering te doen of om bepaalde partijen te bevoordelen.

Tegelijkertijd zie ik ook iets anders. De fiscus is een uitvoeringsdienst van het Ministerie van Financiën en daarmee van de Rijksoverheid. Een Rijksoverheid die al sinds mensenheugenis haar uitgaven niet op orde heeft en stelselmatig meer uitgeeft dan zij binnen krijgt en de tekorten afwentelt op de burgers en met name de middenklasse en het bedrijfsleven.

Die zelfde middenklasse is volgens hoogleraar Joseph Blasi in deze zelfde krant al 30 jaar aan het verarmen, mede door de toenemende belastingdruk van de overheid. Het wordt tijd dat de overheden de hand in eigen boezem steken en  zoals de Amsterdamse hoogleraar, monetair econoom en voormalig DNB directeur Lex Hoogduin enige tijd terug al betoogde in deze krant structureel elk jaar de komende tien jaar 2% gaan bezuinigen en ophoudt ons financieel systeem stelselmatig te ondermijnen.

 

 

Posted in Belastingrecht, Faillissementsrecht | Leave a comment

Juridische due diligence

Harderwijk, 24 januari 2014. Juridische due diligence is een werkwijze waarbij juristen een bedrijf doorlichten op mogelijke juridische risico’s, om vervolgens de bestuurders van de onderneming de mogelijkheid te geven te bepalen of er wat moet gebeuren om die risico’s te beperken en wanneer. Een dergelijk onderzoek, gaat meestal vooraf aan de koop en verkoop van een onderneming. Het due diligence team kan zowel door de koper als de verkoper worden benaderd. Veelal zitten er in zo’n team niet alleen juristen, maar ook fiscalisten, accountants, advocaten gespecialiseerd in fusie en overname, bankiers.

Ik beperk mij tot de juridische due diligence. Later verder.

 

Posted in Contractenrecht, Geen categorie, Ondernemingsrecht | Leave a comment