Onlangs deed het Gerechtshof Amsterdam uitspraak in een zaak waarin een van de grootste voormalige particuliere onroerend goedbezitters van Nederland in het ongelijk werd gesteld.
De bezitter die door de fiscus werd aangeproken kreeg een dividendclaim aan zijn broek en werd gedwongen zijn bedrijf inclusief het onroerend goed te verkopen.
Vervolgens spraak hij de koper aan wegens dwang, dwaling of bedrog. Hij slaagde er niet in dit te bewijzen. Na diverse korte gedingen en twee bodemprocedures in eerste instantie en in hoger beroep was het dan afgelopen maand zover. De koper werd in het gelijk gesteld.
Wat leren deze zaken. Dat deze kwesties vaak lang duren, mede vanwege de grote financiële belangen en dat je als procespartij een lange adem moet hebben.
In het verleden trad Oosthout Advocatuur ook met succes op voor kermisexploitanten tegen een grote Duitse verzekeraar.