Wat elke werkgever wil weten over ontslag op staande voet.

Hoewel ontslag opstaande voet niet de meest voorkomende vorm van ontslag is in Nederland, komt het toch met enige regelmaat voor. De wijze waarop dat ontslag gegeven wordt luistert heel nauw en daarom worden er veel fouten mee gemaakt, vooral door werkgevers in het MKB, omdat zij de regels vaak onvoldoende kennen en de uitvoering daarom niet voldoende beheersen. Het gevolg is dat zij naar een advocaat of een bedrijfsjurist moeten gaan om de schade te beperken. |Met als gevolg hogere kosten, dan wanneer ze dat van te voren met hem of haar hadden overlegd.

In het Burgerlijk Wetboek in boek 7, vinden we de bepalingen die gaan over de arbeidsovereenkomst. Artikel 7: 678 BW handelt over – zoals de wet het noemt – dringende redenen voor de werkgever om de werknemer te ontslaan. In de literatuur wordt ervan uit gegaan, dat de opsomming in dit artikel niet een uitputtende opsomming is. Er kunnen dus ook andere dringende redenen zijn voor de werkgever, die echter niet door de werkgever bepaald kunnen worden. Uiteindelijk is de toets altijd aan de Kantonrechter.

In artikel 7:678 BW worden echter de meest voorkomende redenen genoemd.

  1. Denk aan misleiding bij het aangaan van de arbeidsovereenkomst door het tonen van valse getuigschriften of het valse inlichtingen verstrekken over de wijze waarop de vorige arbeidsovereenkomst is geëindigd.
  2. Wanneer iemand in ernstige mate de geschiktheid of bekwaamheid mist voor de bedongen arbeid.
  3. Het ondanks waarschuwing herhaaldelijke dronken zijn is er ook een, of liederlijk gedrag.
  4. Wanneer de werknemer zich schuldig maakt aan diefstal, verduistering, bedrog of andere misdrijven, waardoor de werknemer het vertrouwen van de werkgever niet waardig is.
  5. Wanneer de werknemer de werkgever of zijn huisgenoten, of familie, of medewerkers mishandelt, grovelijk beledigt of ernstig bedreigt.
  6. Wanneer de werknemer de werkgever of diens familieleden, huisgenoten of medewerkers verleidt of tracht te verleiden tot handeling in strijd met de wet of de goede zeden.
  7. Wanneer hij opzettelijk, of ondanks waarschuwing roekeloos, eigendom van de werkgever beschadigt of aan ernstig gevaar blootstelt.
  8. Wanneer hij opzettelijk, of ondanks waarschuwing roekeloos, zich zelf of anderen aan ernstig gevaar blootstelt.
  9. Wanneer hij bijzonderheden aangaande de huishouding of het bedrijf van de werkgever die hij behoorde geheim te houden, bekendmaakt.
  10. Wanneer hij hardnekkig weigert te voldoen aan redelijke bevelen of opdrachten, hem door of namens de werkgever verstrekt.
  11. Wanneer hij op andere wijze grovelijk de plichten veronachtzaamt, welke de arbeidsovereenkomst hem oplegt.
  12. Wanneer hij door opzet of roekeloosheid buiten staat geraakt of blijft de bedongen arbeid te verrichten.

Bedingen waarbij aan de werkgever de beslissing wordt overgelaten of er een dringende reden in de zin van artikel 677 lid 1 aanwezig is, zijn nietig.

Met deze laatste bepaling wordt duidelijk gemaakt, dat de dringende redenen welke de wet noemt moeten worden gebruikt. Zij zijn als het ware geobjectiveerd. Als de werkgever meent dat er nog een andere reden is die als dringend moet worden aangemerkt legt hij zulks aan de Kantonrechter voor.

De praktijk is dan ook, dat werknemers die op staande voet ontslagen worden, altijd bezwaar maken tegen dit ontslag, al was het alleen maar om hun uitkering veilig te stellen. Dat leidt er dan toe, dat er een procedure ontslag voor zover vereist wordt gestart bij de Kantonrechter. Normaal moet er in Nederland bij beëindiging van een arbeidsovereenkomst steeds een transitievergoeding worden betaald. In geval van ontslag op staande voet zal de werkgever dat niet willen. Ook daarom moet hij naar de rechter. Over de transitievergoeding een volgende keer.

Over het ontslag op staande voet nog het volgende. De ontslagbrief moet de werkgever onverwijld na de aanzegging van ontslag op staande voet versturen. Het is verstandig dat aangetekend te doen, vanwege bewijsperikelen, als dat niet gebeurt. De werkgever moet de reden aangeven en verwijzen naar het onderdeel in artikel 7:678 BW dat hier van toepassing is. De werkgever doet er verstandig aan de toepasselijke bepaling letterlijk in de brief op te nemen, naast de feitelijke gebeurtenis dit wordt heel vaak vergeten.

Vervolgens moet de werkgever om er zeker van te zijn, dat het ontslag rechtsgeldig gegeven is onmiddellijk een procedure ontslag “voor zover vereist” starten.

Harderwijk, 19 september 2018. © 2018, mr. A.R. Oosthout. Dit artikel is met de grootste zorgvuldigheid samengesteld. Er kunnen echter geen rechten aan worden ontleend. Als u vragen heeft, belt u mij op 071-52419316 of zend een e-mail naar: oosthout@oosthoutadvocatuur.nl

 

Posted in Geen categorie | Reacties uitgeschakeld voor Wat elke werkgever wil weten over ontslag op staande voet.

Uitdagingen waar elke ondernemer tegen aan loopt.

Leiden, 18 september 2018. Als advocaat word ik veel door ondernemers geraadpleegd bij vraagstukken van arbeidsrecht. Denk aan ontslag, ontslag op staande voet, afvloeiingsregelingen, collectief ontslag, sociale plannen, veiligheid op de werkvloer, arbo, ziekte en re-integratie, de zieke werknemer, de arbeidsongeschikte werknemer, de disfunctionerende werknemer, noem maar op. Hoe te handelen als een werknemer de kantjes ervan afloopt of zelfs steelt of verduistert of geweld gebruikt op de werkvloer. Dat lijkt allemaal eenvoudig en luister soms heel nauw.

Voordat je zaken kunt doen, heb je allerlei overeenkomsten of contracten nodig. Met je bankiers, je verzekeraars, leveranciers, afnemers, werknemers, vakbonden, gemeenten, provincies, het Rijk, de EU, transporteurs, verladers, partijen in het buitenland, handelsagenten, vertegenwoordigers. Bij import en export moeten al je papieren in orde zijn. De Brexit levert hierbij in de nabije toekomst weer nieuwe uitdagingen op.

Onze oplossingen
Wij houden ons vooral bezig met arbeidsrecht, contractenrecht en onroerend goedrecht, ook het bestuursrechtelijk gedeelte. Wat we niet doen is financiering van ondernemingen, fiscaliteit, intellectuele eigendom, rechtsvormen. Daarvoor hebben wij goede specialisten in ons netwerk, naar wie wij graag doorverwijzen.

Wilt u meer weten, maak dan een vrijblijvende afspraak voor een oriënterend gesprek. U kunt ons als volgt bereiken: Oosthout Advocatuur, mr. A.R. Oosthout, 071-5249316 of 06-26902545. Ook kunt u een mail sturen naar: oosthout@oosthoutadvocatuur.nl

Posted in Geen categorie | Reacties uitgeschakeld voor Uitdagingen waar elke ondernemer tegen aan loopt.

The battle of forms

The battle of forms.

Harderwijk, 8 maart 2017. In contracten tussen professionele marktpartijen vindt je vaak een zgn. battle of forms clausule. Wat is dat en wat is het doel van een dergelijke clausule? Een battle of forms clausule is een bepaling in een business to businesscontract, een zogenaamd B2B contract, waarbij de partij die deze clausule gebruikt, meestal de verkoper, een dergelijke clausule in zijn contracten opneemt met als doel er voor te zorgen, dat zijn algemene voorwaarden gelden in het contract en niet die van de koper.

De verkoper dwingt daarmee af, dat als er een conflict ontstaat hij het speelveld heeft bepaald en daarover achteraf geen onenigheid hoeft te ontstaan.  De verkoper speelt daarmee een thuis- wedstrijd en bepaalt bijvoorbeeld, als er naar de rechter moet worden gegaan, welke rechter dat moet zijn, vanuit het idee, dat de rechter in zijn rechtssysteem eerder geneigd zal zijn de lijn van de verkoper te volgen. De rechter dient echter gewoon de wet toe te passen, doch Nederlandse ondernemers worden geacht de Nederlandse wet beter te kennen dan buitenlandse ondernemers.

© Mr. A.R. Oosthout, maart 2017. Dit artikel is met de grootste zorgvuldigheid samengesteld. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. Als u vragen hebt schrijf mij een e-mail naar: oosthout@oosthoutadvocatuur.nl

 

 

Posted in Contractenrecht | Leave a comment

Koop en verkoop op afbetaling

Koop en verkoop op afbetaling.
Harderwijk, 8 maart 2017. Koop op afbetaling is geregeld in ons Burgerlijk Wetboek, in boek 7A, dat handelt over de bijzondere overeenkomsten. In de vijfde titel van boek 7A vinden we bepalingen over de koop en verkoop op afbetaling. Artikel 7A: 1576 BW luidt als volgt:

  1. Koop en verkoop op afbetaling is de koop en verkoop, waarbij partijen overeenkomen dat de koopprijs wordt betaald in termijnen, waarvan twee of meer verschijnen, nadat de verkochte zaak aan de koper is afgeleverd.
  2. De overeenkomst is niet van kracht voordat partijen de door de koper te betalen prijs hebben bepaald.
  3. Alle overeenkomsten, welke dezelfde strekking hebben, onder welke vorm of welke benaming ook aangegaan, worden als koop en verkoop op afbetaling aangemerkt.
  4. Koop en verkoop op afbetaling in de zin der wet zijn niet de overeenkomsten welke betrekking hebben op:
    onroerende zaken,
    b. zeeschepen waarvan de bruto-inhoud tenminste twintig kubieke meters of de bruto-tonnage tenminste 6 bedraagt, die te boek staan of die te boek gesteld kunnen worden in de openbare registers, bedoeld in afdeling 2 van titel 1 van Boek 3,
    c. binnenschepen die te boek staan of die te boek gesteld moeten worden doch niet te boek staan in de openbare registers, bedoeld in afdeling 2 van titel 1 van Boek 3,
    d. luchtvaartuigen die te boek staan in de openbare registers, bedoeld in afdeling 2 van titel 1 van Boek 3.
  5. Het in deze titel bepaalde vindt overeenkomstige toepassing op vermogensrechten, niet zijnde registergoederen, voor zover dat in overeenstemming is met de aard van het recht.

© Mr. A.R. Oosthout, maart 2017. Dit artikel is met de grootste zorgvuldigheid samengesteld. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. Als u vragen hebt schrijf mij een e-mail naar: oosthout@oosthoutadvocatuur.nl

Posted in Contractenrecht | Leave a comment

De grijze of de zwarte lijst

De grijze lijst en zwarte lijst van bedingen in algemene voorwaarden van overeenkomsten met consumenten.
Harderwijk, 8 maart 2017. Als je als ondernemer zaken doet met consumenten en je hanteert algemene voorwaarden moet je je bewust zijn van het feit, dat consumenten een goede bescherming hebben in Nederland. Een bescherming die in ieder geval wordt ervaren als beter dan die tussen ondernemers onderling. Hoe komt dat en waarom is dat zo? Ondernemers, of professionals, doen de hele dag zaken met elkaar en worden dus geacht beter te weten wat er in het maatschappelijk (handels)verkeer van hun verwacht mag worden. Consumenten daarentegen worden geacht zich veelal niet bewust te zijn van alle vermeende risico’s en gevaren welke hen te wachten staan in het maatschappelijk verkeer en de (Rijks)overheid meent, als zij optreedt in haar rol van wetgever, dat zij consumenten veelal moet beschermen. Daartoe heeft zij in de wet een tweetal lijsten van beding opgenomen die in contracten met consumenten niet kunnen en dus nietig zijn of vernietigbaar. Nietig wil zeggen, dat zij geacht worden nooit bestaan te hebben. Vernietigbaar wil zeggen, dat er een rechter aan te pas moet komen, om de overeenkomst te vernietigen.

Welke bedingen staan er op de grijze lijst? Welke bedingen staan er op de zwarte lijst? Daarover een volgende keer meer.

© Mr. A.R. Oosthout, maart 2017. Dit artikel is met de grootste zorgvuldigheid samengesteld. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. Als u vragen hebt schrijf mij een e-mail naar: oosthout@oosthoutadvocatuur.nl

Posted in Contractenrecht | Leave a comment

Bedenktijd of afkoelingsperiode voor consumenten in het Nederlandse recht.

Bedenktijd of afkoelingsperiode voor consumenten in het Nederlandse recht.
Harderwijk, 8 maart 2017. Het herroepingsrecht van consumenten  onder het Nederlandse recht houdt in, dat een consument zonder opgaaf van redenen een koop binnen 14 dagen kan herroepen. Herroepen gebeurt door middel van een ondubbelzinnige verklaring. Dat mag zowel mondeling als schriftelijk. Dat betekent dus dat een consument 14 dagen bedenktijd heeft als deze een koop heeft gesloten. Deze bedenktijd wordt ook wel afkoelingsperiode genoemd.

Let op! Als je in een winkel koopt heb je géén bedenktijd. Als je dan spijt hebt van je aankoop, zal je dus met de winkelier in gesprek moeten, om te kijken of je er samen uit komt.

Deze bedenktijd geldt alleen als je online koopt, of aan de deur, of per telefoon. Als u online producten verkoopt en de consument maakt gebruik van zijn herroepingsrecht, of retourrecht, wat moet u dan doen?

Wat staat er in de wet over wat er gebeurt als de consument gebruik maakt van zijn bedenktijd? Maakt de consument gebruik van zijn bedenktijd? En laat hij u weten dat hij de overeenkomst wil ontbinden? Dan gelden de volgende regels:

  1. U stuurt de consument een bevestiging

Kan de consument de overeenkomst ontbinden door op uw website een elektronisch formulier in te vullen? Dan moet u direct een bevestiging sturen. De consument moet deze bevestiging kunnen bewaren. U stuurt de bevestiging bijvoorbeeld per e-mail.

  1. De consument moet het product aan u terugsturen

De consument moet binnen 14 dagen na ontbinding van de overeenkomst het product aan u terugsturen. De kosten voor het terugsturen zijn voor de consument. Voordat hij bestelt moet u hem hierover wel hebben geïnformeerd. Hebt u dit niet gedaan? Dan moet u de kosten voor het terugsturen vergoeden. U mag natuurlijk aanbieden dat de consument het product gratis kan terugsturen.

  1. U moet de consument terugbetalen (incl. bezorgkosten)

Nadat u de ontbindingsverklaring heeft gekregen, moet u de consument binnen 14 dagen terugbetalen. De termijn van 14 dagen begint de dag nadat de consument duidelijk heeft gemaakt dat hij een beroep doet op de bedenktijd.  U mag wel wachten met terugbetalen tot u het product van de consument hebt teruggekregen, of totdat de consument heeft bewezen dat hij het product heeft teruggestuurd, afhankelijk van welk tijdstip eerst valt.

Terugbetalen bezorgkosten

U moet ook de bezorgkosten en alle andere kosten die u in rekening had gebracht, terugbetalen. Bijvoorbeeld administratiekosten. U mag geen extra kosten in rekening brengen voor het verwerken van de ontbinding.

Heeft de consument gekozen voor een duurdere verzendmethode dan de standaardmethode? Bijvoorbeeld per koerier in plaats van per gewone post? Dan hoeft u alleen de standaard bezorgkosten terug te betalen.

Let op: u hoeft de bezorgkosten niet terug te betalen als de consument een deel van de bestelling terugstuurt. Bijvoorbeeld: de consument heeft twee broeken besteld en stuurt er maar één terug.

Hetzelfde betaalmiddel

Voor de terugbetaling gebruikt u hetzelfde betaalmiddel als waarmee de consument heeft betaald. Dat is het uitgangspunt. Maar u mag ook andere afspraken maken met de consument. Hiervoor mag u geen extra kosten rekenen. Een voorbeeld: de consument betaalt een boek met een boekenbon. Dan kunt u de consument terugbetalen met een boekenbon. Maar u mag ook een bedrag in geld teruggeven.

 Andere bestellingen

Heeft de consument nog meer producten of diensten besteld? En is er een verband tussen die bestelling en de overeenkomst die de consument heeft ontbonden? Dan hoeft de consument de extra producten of diensten ook niet meer af te nemen. Denk aan een onderhoudscontract bij de aankoop van een fiets.

Consumentenregels per 13 juni 2014

Sinds 13 juni 2014 zijn de regels veranderd. Die regels zijn verwerkt in de uitleg op deze pagina. Wilt u weten wat er is veranderd? Kijk dan naar het overzicht met de belangrijkste veranderingen.

Bron: Autoriteit Consument & Markt.

© Mr. A.R. Oosthout, maart 2017. Dit artikel is met de grootste zorgvuldigheid samengesteld. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. Als u vragen hebt schrijf mij een e-mail naar: oosthout@oosthoutadvocatuur.nl

 

 

 

 

Posted in Contractenrecht | Leave a comment

Hoe ik de gerechten hielp om effectiever met hun tijd om te gaan.

Harderwijk, 21 april 2017. Toe ik 18 jaar advocaat was, in 2004, schreef ik de President van de Rechtbank Den Haag, mr. Hofhuis, een brief. De aanleiding was, dat ik het wachten bij  strafzittingen zat was.

De week ervoor had ik voor de zoveelste keer 3 uur moeten wachten, omdat een meervoudige kamer strafzaak, die om 2 uur had moeten beginnen om 5 uur nog niet was uitgeroepen. En dat was in die tijd meer regel dan uitzondering. De zittingsrechter had ook niet het fatsoen om de griffier of de bode naar buiten te sturen en te zeggen, dat het uit de hand liep en dat we iets anders moesten gaan doen, of willekeurig welke andere instructie te geven.

In de brief schreef ik dat ik niet zei dat er niets gebeurde, omdat zich dat aan mijn waarneming onttrok en tegelijkertijd gaf ik aan dat ik al 18 jaar regelmatig moest wachten wanneer het ging om strafzaken en dat men niet eens het fatsoen had naar buiten te komen om aan te geven hoe lang het nog zou duren. Ik schreef ook dat ik zelden een punt maak van dit soort zaken en dat ik na 18 jaar wel enig recht van spreken had. Ik nodigde de President van de Rechtbank uit met de Hoofdofficier en de Deken te gaan praten en dit probleem aan te pakken.

Ik gaf aan dat alles valt en staat met het managen van de tijd op de zitting. Ik gaf ook aan, dat rechters juristen zijn en geen bedrijfskundigen en dat zij dit derhalve in het verleden niet geleerd hadden. Ik gaf ook aan dat zij het niet zelf hoefden te doen en dat ze dat moesten delegeren aan de griffier.

Ik stelde voor, dat vanwege de weerstand die deze wijziging van het proces zou oproepen, zij een pilot project zouden uitvoeren bij een rechtbank en als dat werkte, zij het over de hele rechtbank zouden uitrollen en vervolgens over alle gerechten in Nederland.

In het begin had mr. Hofhuis geen zin om mijn brief te beantwoorden. Ik heb hem toen aangegeven, dat ik lid was van de klankbordgroep Veiligheid en Justitie van de VVD en dat als hij niet binnen 14 dagen zou antwoorden ik mijn brief aan de Minister en de Staatsecretaris en de vaste Kamercommissie van Justitie zou sturen. Binnen 14 dagen kreeg ik antwoord.

Mijn brief heeft er uiteindelijk toe geleid dat in de strafsector een verkeerskamer is ingevoerd na 11 jaar, die advocaten en officieren van justitie van te voren schriftelijk instrueert hoeveel tijd ze krijgen ter zitting om hun pleidooi of requisitoir te houden.

Ik hoor van bevriende strafrechtadvocaten en weet uit eigen ervaring, dat in de loop der jaren er een hoop ten goede veranderd is bij de rechtbanken als het gaat om bedrijfsmatiger denken en met je tijd om gaan. Daarbij worden de gerechten ook gestimuleerd door het feit dat zij tegenwoordig een bepaalde productie moeten halen om hun financiering veilig te stellen.

Het probleem zoals dat in de 90er jaren werd gecommuniceerd door rechters dat hun werklast te hoog is, heeft zich in de loop der jaren opgelost, doordat een groot aantal routinematige werkzaamheden steeds meer door computers wordt overgenomen. Het heeft er al toe geleid dat het aantal rechtbanken van 19 naar 11 is teruggebracht en het aantal hoven van 5 naar 4.

De voormalige Staatsecretaris Fred Teeven heeft er door allerlei budgettaire maatregelen toe bijgedragen, dat de toegang tot de gerechten voor steeds minder mensen beschikbaar is. De problemen worden door de ontwikkelingen in de IT vanzelf opgelost. Of dat de oplossing is die wij wensen is de vraag.

Posted in Strafrecht | Leave a comment

4 questions you run into when asking for a residence permit.

4 questions you run into when asking for a residence permit.
Harderwijk, February 28, 2017. We are regularly visited  and asked questions by people that experience challenges with their visa or staying permit.

Questions these people have are:

  1. What kind of staying permit do I need to ask for?
  2. Do I need to ask for an authorisation for temporary stay, a so called machtiging voorlopig verblijf.
  3. Do I need to do an integration examination abroad in advance?
  4. Do I need a work permit?

There are many more issues. It took the countries in the EU approximately 30 years to develop a common immigration law and policy. So you can imagine, that this domain is
pretty challenging and can only be done by legal professionals, that have specialized themselves in immigration law.

If you have any question call me at:071-5249316 or send me a mail at: oosthout@oosthoutadvocatuur.nl

Posted in Immigration law, Mensenrechten | Tagged , , , , | Leave a comment

4 things people find most challenging about divorce.



4 things people find most challenging about divorce.
Harderwijk, 28 february 2017. I practice law for 31 years now and what I have heard from people that have consulted me concerning their divorce is that there are certain things that are most challenging for them.

  1. One is the stress and uncentainty as a consequence of their choice to end their marriage. Do I have to look for a new home?
  2. Do I see the kids in future and can I be there for them?
  3. What about my income, will it be enough to live on?
  4. The most challenging for people are fights concerning money and the fight over the kids.

After practising law for 16 years I therefore have chosen to become a mediator, to help them communicate effectively and fight less.

The main challenge is that 80% of all marriage that end in divorce could have been saved, if we had learned to deal with money. And yes, we are accountable ourselves and the curriculum in schools and at universities are determined by the government for centuries and will be inthe future if we don’t do something. Their self interest is that we stay dependent on them and we keep on paying our taxes.

Since in Europe and the US we are getting poorer the last 40 to 50 years per capita, although the GNP might still be growing, government has a growing challenge and that is that they can’t generate enough taxes any more and the problem gets bigger and bigger now the middle class is getting smaller and smaller.

These same people that haven’t learned to deal with money also work with the government and they are structurely spending more then the government earns.

Everybody that earns less then he or she is spending will get into trouble eventually. The government is no exception, although they think otherwise. So there is no self interest for the government to do anything about it and train children in primary school in financial skills. We have to do it ourselves because like I said we are accountable.

A divorce is most of the times a wake up call, to take the responsibility for your life and your finances into your own hands. There is no simple solution, because it is all about mindset. In the meantime your divorce has to be settled in an effective way.

If you have any question call me at: 071-5249316, or send me a mail to: oosthout@oosthoutadvocatuur.nl

 

Posted in Family law, Personen- en familierecht | Leave a comment

Do you make these mistakes too when firing an employee?

Do you make these mistakes too when firing an employee?
Leiden, February 23, 2017. Sometimes you have an employee that does not fit in the team, or that is not even doing his or her work properly, or worse that steals from you or his or her colleagues.

In case of stealing it seems obvious. You fire them at once. Although it seems so obvious a lot of employers make costly mistakes with these procedures.

1. For instance they take action too fast without speaking to a lawyer first.

2. They say or write the wrong things.

3. Or they take too long to write the registered letter.

In the Netherlands the law is very specific in these cases.

  1. You should give the person notice that he or she is fired immediately, or after a short notice. The Hoge Raad, our highest court has decided that this can only be a few days, one or two at the most.
  2. You immediately put the decision in writing. So you send the person an letter in which you tell them what they have done or not done, why you have fired them, and what the applicable rule is according to law. In this case it is article 7:678 of our Civil Code.
  3. Then you state which paragraph is applicable.
  4. You send them the letter as a registered letter, to be sure that they will receive it.
  5. Don’t do this your self, always go to a lawyer. He or she has studied to do this for 5 years. You know there is a saying:”It takes a fool to be your own lawyer, doctor, etc”.

If you have any question call me at +31 71 5249316, or send me an e-mail on oosthout@oosthoutadvocatuur.nl, or go to our website and use the box to ask your question.

Robert Oosthout.

Posted in Arbeidsrecht | Leave a comment